Acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel is een term die gebruikt wordt om letsel bovenop de schouder te beschrijven, waar de voorkant van het schouderblad, het schouderdak (acromion), vastzit aan het sleutelbeen (clavicula). Het kan veroorzaakt worden door een traumatische gebeurtenis zoals een val direct op de buitenkant van de schouder of door overbelasting.

AC gewrichtsletsel komt vooral voor bij mensen onder 35 jaar. Mannen maken 5 keer vaker traumatisch AC gewrichtsletsel door dan vrouwen. Omdat jongere atleten de meeste kans hebben om deel te nemen aan hoog-risico en botsgevoelige gebeurtenissen, zoals voetbal, fietsen, sneeuwsporten, hockey en rugby, komt AC gewrichtsletsel het vaakst voor in deze populatie.

AC gewrichtsletsel kan worden vastgesteld en effectief behandeld door een fysiotherapeut, zodat vaak geen operatie nodig is.

Wat is acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel?

Er zijn 4 gewrichtsbanden, die de 2 botten van het AC gewricht (het acromion en de clavicula) bij elkaar houden. Wanneer zich AC gewrichtsletsel voordoet worden deze banden overbelast, wat leidt tot een bepaalde mate van gewrichtsscheiding. Er zijn 2 typen letsel die zich kunnen voordoen bij het AC gewricht: traumatisch en overbelasting.

Traumatisch AC gewrichtsletsel komt voor wanneer er sprake is van ontwrichting van het gewricht ten gevolge van beschadiging van de gewrichtsbanden, die de 2 botten van het gewricht bijeen houden. Dit letsel wordt schouderscheiding genoemd (in tegenstelling tot een schouderverstuiking, waarbij het kogelgewricht van de schouder een rol speelt).

Traumatisch AC gewrichtsletsel komt vooral voor bij mensen die zijn gevallen op de buitenkant van de schouder of op een hand (bijv. een voetballer die is getackeld, een wielrenner die is gevallen of een arbeider die van een ladder is gevallen).

Traumatisch AC gewrichtsletsel wordt beoordeeld van licht tot ernstig op basis van de hoeveelheid scheiding in het gewricht. Behandeling van lichte gevallen wordt gedaan door een fysiotherapeut; ernstiger gevallen kunnen een operatie nodig hebben, gevolgd door fysiotherapie.

AC gewrichtsletsel door overbelasting manifesteert zich geleidelijk als bij herhaling overmatige spanning op het gewricht wordt gezet. Kraakbeen aan de uiteinden van het acromion en clavicula beschermt het gewricht tegen dagelijkse slijtage. In de loop van de tijd kan de belasting van het kraakbeen meer worden dan het kan weerstaan, wat leidt tot letsel door overbelasting. Significante slijtage van het kraakbeen wordt artrose genoemd. AC gewrichtsletsel door overgebruik komt vooral voor bij mensen, die taken verrichten zoals het tillen van zware gewichten (bankdrukken), of bij banen waarbij fysiek werk met gestrekte armen en boven het hoofd nodig is.

Hoe voelt acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel?

Bij AC gewrichtsletsel kunt u het volgende ervaren:

  • Algemene schouderpijn en –zwelling
  • Zwelling en gevoeligheid van het AC gewricht
  • Verlies van kracht in de schouder
  • Een zichtbare bobbel boven de schouder
  • Pijn bij het liggen op de betrokken zij
  • Verlies van mobiliteit in de schouder
  • Een ploppend geluid of een plakkend gevoel bij beweging van de schouder
  • Ongemak bij dagelijkse activiteiten, die het AC gewricht belasten, zoals boven het hoofd tillen, voor het lichaam reiken of zwaar tillen aan uw zij

Hoe wordt acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel vastgesteld?

Diagnose van AC gewrichtsletsel begint met een zorgvuldig onderzoek van het medisch dossier van de patiënt, inclusief specifieke vragen over wanneer de pijn begon en wat de pijn erger en minder erg maakt.

Uw fysiotherapeut zal uw schouder onderzoeken en verschillende zaken bezien, zoals gevoel, beweging, kracht, flexibiliteit, gevoeligheid en zwelling. Uw fysiotherapeut zal verschillende, speciaal op de schouder gerichte, onderzoeken doen om de structuren daarin te onderzoeken.

De therapeut kan u ook vragen om kort de handelingen te laten zien die uw pijn bezorgen. Andere gebieden in de buurt, zoals uw nek en bovenrug zullen ook onderzocht worden om vast te stellen of die misschien ook aan uw schouderaandoening bijdragen.

Terwijl AC gewrichtsletsel meestal kan worden vastgesteld door onderzoek van de schouder, worden diagnostische beelden, zoals echo, röntgen of MRI vaak gebruikt om de diagnose te bevestigen en de ernst van het letsel vast te stellen.

Hoe kan een fysiotherapeut helpen bij acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel?

Zodra andere aandoeningen zijn uitgesloten en letsel aan het AC gewricht is vastgesteld, zal uw fysiotherapeut met u werken aan de ontwikkeling van een persoonlijk plan dat toegespitst is op uw specifieke schouderaandoening en uw doelen. Er zijn veel fysiotherapeutische behandelingen die aantoonbaar effectief zijn bij de behandeling van deze aandoening. Uw fysiotherapeut kan zich richten op:

  • Bewegingsbereik – Letsel aan het AC gewricht, hetzij traumatisch of door overbelasting, irriteert het gewricht en leidt vaak tot zwelling en stijfheid, uitmondend in verlies van normale beweging. Bewegingen die vaak moeilijk zijn na AC gewrichtsletsel zijn kruiselings reiken over uw lichaam en uw arm direct boven uw hoofd optillen. Terwijl het belangrijk is de normale schouderbeweging terug te krijgen, is het ook belangrijk om het letsel te laten genezen zonder dat er overmatige spanning op het herstellende gewricht wordt geplaatst. Uw fysiotherapeut zal uw beweging en de mate van letsel beoordelen en een plan opstellen dat bescherming van het gewricht en herstel van beweging met elkaar in evenwicht brengt.
  • Krachttraining – Na letsel worden de omliggende spieren zwakker. Alle spieren bij de schouder en elleboog en ook die in de bovenrug werken samen om normale, gecoördineerde beweging van het bovenlichaam mogelijk te maken. Daarom is het in evenwicht brengen van de kracht van alle spieren in het bovenlichaam cruciaal bij het zorgen voor voldoende bescherming en efficiënte beweging van het schoudergewricht. Uw fysiotherapeut zal een persoonlijk oefenprogramma ontwikkelen om de spieren in en om de schouder te versterken, zodat elke spier in staat is om zijn werk te doen.
  • Manuele therapie – Fysiotherapeuten zijn getraind in manuele (hands-on) therapie. Indien nodig zal uw fysiotherapeut uw schoudergewricht en de omliggende spieren voorzichtig bewegen en mobiliseren om hun mobiliteit, flexibiliteit en kracht te verbeteren. Deze technieken kunnen gebieden bestrijken, die moeilijk zelf te behandelen zijn.
  • Pijnbestrijding – Uw fysiotherapeut kan therapeutische behandelmogelijkheden, zoals ijs en warmte, aanbevelen om te helpen bij pijnbestrijding.
  • Functionele training – Het AC gewricht is betrekkelijk klein en draagt vaak een aanzienlijke last. Om deze belasting succesvol aan te kunnen is er behoefte aan functionele training om uw hele schouder te leren hoe het best in verschillende posities te werken. Bij voorbeeld, bij tillen boven het hoofd zet slechte coördinatie overmatige druk op de schouder. Fysiotherapeuten zijn experts in het beoordelen van bewegingskwaliteit. Uw fysiotherapeut is in staat om uw bewegingen te beoordelen en corrigeren en u te helpen om een pijnvrije schouder te behouden.
  • Educatie – De eerste stap in het aanpakken van schouderpijn is rust. De hoeveelheid rust die nodig is varieert en hangt vooral af van de ernst van uw letsel. Uw fysiotherapeut zal een persoonlijk plan opstellen voor uw revalidatie, zodat u veilig kunt terugkeren naar uw dagelijkse en recreatieve activiteiten.

Kan acromioclaviculair (AC) gewrichtsletsel worden voorkomen?

Het kan moeilijk zijn om veel traumatisch AC gewrichtsletsel, zoals vallen met de fiets, vallen op de grond etc. te voorkomen. Ongelukken zitten in een klein hoekje. Gelukkig kan veel gedaan worden om de vele oorzaken, die kunnen leiden tot AC gewrichtsletsel door overbelasting, te voorkomen, waaronder:

  • Kennis over de risico’s van ‘door de pijn heengaan’
  • Bewaking van werk- en hefactiviteiten, met name herhaald tillen boven het hoofd.
  • Waar mogelijk vermijden van herhaald tillen boven het hoofd
  • Bewaren van goede schouderkracht en –beweging om veilig de gewenste taken uit te kunnen voeren
  • Overleg met een fysiotherapeut als symptomen ondanks rust blijven of erger worden

Related Entries